Hoe het allemaal begonnen is
Wie zijn wijIn mei 2000 waren wij voor een korte vakantie in de Morvan. We (Paola, 39 en Serge 39) hadden geen concrete plannen om een huis in de Morvan te kopen. Sterker nog, we kenden de hele streek niet en waren ook geen echte frankrijkgangers. Daarnaast heb ik een “normale”baan in de gezondheidszorg en werkt mijn vrouw Paola “normaal” in het onderwijs. Een tweede huis in frankrijk was voor ons natuurlijk niet weggelegd.Op een heerlijke morgen waren we op weg van Lormes naar Avallon, om zomaar een beetje de streek te verkennen, toen we langs een groot vervallen huis reden (La Diligence). Op het hek een kartonnen bordje met daarop de tekst “a vendre”. Nu was mijn Frans niet zo goed, maar ik begreep wel dat dat vervallen huis dus te koop stond. Omdat Paola en onze twee kinderen Jelle en Yke lagen te slapen, ben ik gestopt om eens door de kapotte luiken te gluren. Wat schetste mijn verbazing, hoe vervallen het er aan de buitenkant uitzag, binnen was alles netjes ingericht met het mooiste antiek. Alleen aan het spinnenrag kon je zien dat het al heel lang leeg moest staan.Toen de buurvrouw aanbood om de eigenaresse te bellen en simpel “oui” makkelijk was dan uitleggen dat een tweede huis voor ons niet weggelegd was omdat ik een “normale”baan had etc. was het kwaad eigenlijk geschied. De volgende middag hadden wij een afspraak met mme Collete Joublin. Een 50-jarige Française uit Chablis. De dochter van de in 1984 overleden eigenaresse. Na 20 jaar leeggestaan te hebben, was de familie er eindelijk van overtuigd dat het toch maar beter was deze oude stopplaats van de Diligence te verkopen.Paola en ik waren op slag verliefd. Ondanks dat er geen toilet en douche in het huis aanwezig waren en de bramen uit de achtertuin inmiddels tot in de keuken stonden wisten we het eigenlijk meteen. Dit huis is voor ons bestemd. Diezelfde middag zijn we de Credit Agricole binnengelopen en vertelde onze “conseiller” mme Jacomis ons dat een Hypotheek geen enkel probleem zou zijn. Ze wilde graag een loonstrookje ontvangen en zij zou verder alles regelen met de notaris.’s Avonds hebben we mme Joublin teruggebeld en verteld dat we graag het huis wilde kopen op voorwaarde dat ze alle spullen zou laten staan. Op de vraag wat we dan met die “troep”wilde, vertelde ik haar dat we graag het huis in de originele staat wilde opknappen. De meubels, waarvan sommige er al honderd jaar stonden waren aan het huis verbonden en waren niet vervangbaar door exemplaren van de Ikea of een rommelmarkt. Ze vond dit zo leuk, dat ons (veel lagere) bod gelijk werd geaccepteerd.Op zaterdag hebben wij aan de keukentafel een handgeschreven verklaring getekend waarin wij beloofden het huis te zullen kopen. Paola heeft dit hele ritueel ook op de video opgenomen. Mme Joublin beloofde ons alles te zullen regelen met de notaris en zowaar. Enkele weken later kregen wij een brief van de notaris dat wij op 13 juli (8 weken later dus) om 8 uur verwacht werden voor het tekenen van de koopakte. Hij vertelde ook nog even dat hij al contact had gehad met mevrouw Jacomis van de bank en dat hij alles verder met haar zou regelen. Op 13 juli 2000 zijn we dus eigenaar geworden van onze droomhuis. Gelukkig wisten we toen nog niet dat dat pas een begin was van een groot avontuur in de franse Morvan.De eerste zomer heeft in het teken gestaan van schoonmaken en troep ruimen. Maar ook van heerlijke avonden met familie en vrienden die langskwamen om te helpen en van verwondering over de vele mooie antieke schatten die we in de diverse schuren zijn tegengekomen. Alles staat inmiddels in huis en is gepoetst en/of gerepareerd (veelal door Paola). Al snel waren we een bezienswaardigheid in het dorp. In enkele maanden werd La Diligence omgetoverd van een vervallen boerderij tot de mooie Maison de Maitre van welleer. Ik kan me nog goed herinneren dat ik tussen de middag op een ladder de luiken blauw stond te schilderen en Paola mij een sandwich aanreikte, toen de buren net begonnen aan hun copieuze maaltijd. Ze keken verwonderd hoe ik in de ene hand een kwast vasthield en de andere hand gebruikt om de ladder vast te houden en voorzichtig af en toe een hapje van de boterham nam. Later bleek dat dit verhaal door het hele dorp was gegaan. Die gekke Nederlander nuttigt zijn “dejeuner” op een ladder!!Le SabotierAnderhalf jaar later werd ik uitgenodigd voor een Soiree choucroute. Midden in de winter op de Marie werden de dorpsgenoten getrakteerd op een uitgebreide zuurkoolschotel. Die avond bleek ik ook tot vice-president van het “comitee de fete” te zijn gekozen. Iets waar ik pas enkele maanden later achter kwam. Afijn, op die bewuste avond zat ik naast Thiery Seuvre. Een alleraardigste boer uit “les quatre vents”. Een van de 14 gehuchten van de gemeente Chastellux. Hij vertelde mij dat ons huis zo mooi geworden was, om vervolgens fijntjes te vertellen dat er naast hem ook zo’n vervallen boerderijtje stond waarvan de eigenaar wel af wilde. Ik beloofde hem de volgende dag eens te komen kijken. Mijn broers hadden nl al aangegeven ook wel in te zijn voor een Frans avontuur.Zo kwamen we dus aan ons tweede project. Le Sabotier werd gekocht door mijn broer Ralph en mijzelf. Ralph wilde niet gebonden zijn en vond het wel prettig de lasten en de lusten te delen. La Diligence begon al aardig op orde te komen en wij hadden wel weer zin in een nieuw avontuur.La SourceBij ons in het dorp stonden wel meer huizen leeg, echter een daarvan maakte ons wel erg nieuwsgierig. Vlak naast de bron waar wij altijd ons eigen bronwater halen, stond een huis, althans, we zagen de punt van een dak en daaronder moest zich dus een huis bevinden. Omdat het wat lager gelegen was, waren de bramen met hun dikke takken tot in de dakgoot gegroeid en hadden zo een brug gevormd voor al het andere onkruid. Iedere keer dat ik bij de bron met mijn waterflessen stond, dacht ik: binnenkort ga ik eens aan de burgemeester vragen van wie het huis is. Op een dag zag ik zowaar een auto staan en er was een gangetje gekap naar de voordeur. Binnen trof ik een oude dame (uit Parijs, zo zag ik aan het kenteken) die glazen in oude kranten aan het inpakken was. Na enkele beleefdheidsvragen mijnerzijds, zei ze: U wilt zeker het huis kopen. Ze had schijnbaar geen zin in een beleefd praatje en wist precies waarvoor ik kwam. Toen ik er bevestigend op antwoordde, vertelde ze me dat haar man enkele weken geleden was overleden en ze eindelijk het huis kon verkopen. Hij had 15 jaar in een verpleeghuis gelegen maar weigerde zijn handtekening te zetten onder een verkoopcontract.Ze waren gebeld door iemand uit het dorp die wel interesse had. Diezelfde avond heb ik mijn oudste broer Didier gebeld en hem de situatie uitgelegd. Ik vertelde hem ook dat hij er zo in kon, hij hoefde alleen maar een beetje schoon te maken en wat aan de tuin te doen. Zonder het gezien te hebben, heeft hij ja gezegd en diezelfde avond was de koop met mme Le Bell gesloten. Drie maanden later kon mijn broer het contract in Parijs tekenen om vervolgens door te rijden naar de Morvan om te kijken wat hij nu eigenlijk gekocht had. Eerst kon hij het huis helemaal niet vinden, maar na 3 rondjes begon hij langzaam te vermoeden dat die berg Bramenstruiken van hem waren. Later bleek dat wij natuurlijk heel andere opvattingen hadden over “er zo in kunnen”. Er was een toilet, keuken en douche en dus kon je er zo in. Hij kwam uit een vinexwijk en had natuurlijk heel andere opvattingen over “er zo in kunnen”.Na drie jaar bloed, zweet en tranen is La Source een heerlijk vakantiehuis geworden.La ForgeTegenover La Source woont Denise Millot. Met haar 68 jaar een van de jongste uit het dorp. Een typische Française van het platteland. Het hele jaar staat in het teken van jam maken, groente inmaken en paddenstoelen drogen. Ze staat bekend om haar heerlijke “confiture de Coing” (kweeperenjam) en de pate de Coing (kleine snoepjes van kweeperendrap). Tijdens diverse gelegenheden had ze al eens gezegd dat er naast haar een klein huisje stond, dat al vanaf 1984 leeg stond. De eigenaren hadden er 1 zomer in doorgebracht, maar het bleek toch lastig te combineren met de dierenschare die ze die zomer hadden achtergelaten. In het begin wisten we het nog aardig af te houden, maar hoe mooier La Source werd, hoe meer Denise begon aan te dringen. Ze had nu eindelijk weer een mooi huis tegenover zich en wilde dat ook wel graag naast haar. Uiteindelijk heeft ze zelf maar het initiatief genomen en de eigenaren gebeld. Waarschijnlijk heeft ze een goed woordje voor ons gedaan (of een dreigement geuit), maar ze vertelde ons trots dat de eigenaren het wel wilde verkopen voor het bedrag wat ze er in 1984 voor hadden betaald. Als rechtgeaarde Nederlanders konden we dat natuurlijk niet aan onze neus voorbij laten gaan en we hebben de familie Vilardie gebeld. Een week later was de koop gesloten en hadden we er weer een lap grond van 1700 m2 bij, met daarop een huisje met heel veel werk en gelukkig ook weer heeeeeel veeeel bramen.Op 1 mei 2005 hebben we La Forge gekocht. Gelukkig was het twee weken meivakantie en hadden veel vrienden laten weten graag te komen helpen. Inmiddels hadden we wat ervaring en zijn we niet al te voorzichtig aan de slag gegaan. We hebben het hele huis gestript, inclusief enkele wanden, vloerdelen, gehele badkamer en keuken, kachels en de gehele veranda. Dit duurde 1 dag en we hadden dus nog 13 dagen om met 10 man het huisje geheel op te knappen. Wat ik Paola nl. niet verteld had, is dat er op 14 mei de eerste gasten zouden komen. U weet nog wel van de “normale” baan en er moest dus ook geld verdiend worden om de bank weer af te lossen. In het huis is eigenlijk alles voorspoedig verlopen. In de tuin was het een wat ander verhaal. Ten eerst moest de oprit worden afgegraven en genivelleerd worden. We hadden afgesproken in verschillende teams zand en troep af te graven en dat op een grote berg te storten. Dat moest nl het terras worden. Na enkele uren hadden we slechts een heel klein stukje gedaan en dat was niet onopgemerkt gebleven, want daar kwam onze buurman van Le Sabotier aangereden met een grote tractor en shovel. Hij had ons zien modderen en was zijn tractor gaan halen. Afijn, 50 minuten later was de hele oprit afgegraven en was er een nieuw terras gemaakt aan de zijkant van La Forge. Het koste ons slechts een fles whisky. We kwamen tot de conclusie dat we inmiddels aardig waren geïntegreerd. Nu restte ons nog het probleem van de bramen. 20 jaar lang hadden deze woekeraars de gelegenheid gehad La Forge in bezit te nemen. Het was een pak van 40 cm droge, dode bramentakken met inmiddels al weer een nieuwe groene generatie die er doorheen groeide. Ook hier waren we voorzichtig en in verschillende teams begonnen met hakken, knippen, breken en snoeien. Ook hier schoot het niet erg op en zocht ik naar een mogelijkheid wat sneller van dit probleem verlost te raken. Met een fles benzine, kranten en lucifers heb ik aan de rand van het probleem een klein vuurtje gemaakt. Echter tot mijn grote schrik stond binnen 5 minuten het hele stuk in de brand en was het absoluut niet meer te beheersen. Zelfs de Eiken aan de rand van de tuin begonnen te knetteren. Gelukkig brandde de deken van dorre bramentakken zo snel op, dat enkele minuten later het hele terrein schoon was en we alleen nog maar hoefde aan te harken. Op 14 mei konden onze eerste gasten Mieke en Henny genieten van het prachtige uitzicht vanaf de veranda. Sindsdien is La Forge erg geliefd bij onze gasten en is het van april tot oktober nagenoeg permanent bezet. Onze buurvrouw Denise is helemaal in haar nopjes. Ze heeft nu geen krotten meer naast zich en er is weer een beetje leven in het dorp.Les Quatre VentsIedere zomer huren wij zelf ook een huis van Nederlanders in een ander deel van Frankrijk. Op deze wijze slaan wij twee vliegen in een klap; we leren ook eens een ander deel van frankrijk kennen en we kunnen een week niets doen, wat heel moeilijk maar tegelijkertijd ook heel gezond is voor ons.Daarnaast verblijven wij iedere zomer ook in ieder huisje. Er is altijd wel wat te klussen en zo komen we er ook achter wat nog beter kan in het huisje. In de zomer van 2005 verbleven we de laatste week in Le Sabotier. Tegenover le Sabotier lag een prachtige boerderij die volgens onze vriend Thiery al vanaf 1974 leeg stond. De eigenaresse was een “moeilijke”vrouw uit Avallon die het bezit van haar vader al diverse keren verkocht had, maar even zovele keren de koop had laten terug draaien. Ook wij hadden die ervaring in de zomer van 2004 al eens mogen beleven. We hadden haar gebeld en waren in een onderhandeling verzeild geraakt. Toen ik haar belde om de koop af te ronden (we waren elkaar dicht genaderd, zal ik maar zeggen) begon ze vreselijk te schelden. Het enige wat ik begreep is dat de koop niet doorging en dat ik haar nooit meer mocht bellen. Later hoorde ik van Thiery dat zij had gehoord dat wij ons geld verdiende in de Hasj-handel en daar wilde zij uiteraard niets mee te maken hebben. Het verhaal over onze “normale”baan ging bij haar dus niet op. In het voorjaar van 2005 begrepen we van Thiery dat het huis inclusief omliggende weilanden was verkocht aan een paardenhandelaar. De koop was zelfs als gepasseerd bij de notaris. Thiery was hier heel boos over, want hij had vanaf 1974 een beetje voor het huis gezorgd en was hij al 30 jaar pachter van de weilanden. Daarnaast was hij “n’est pas content” dat er paarden op de weilanden naast zijn koeien zouden komen. Paarden en koeien blijken geen goede combinatie te zijn. Met succes heeft hij de koop bij de notaris laten ontbinden. In frankrijk is er namelijk een wet die regelt dat de pachter het eerste recht van koop heeft. Mme Blanc had verzuimd de grond aan hem aan te bieden. Zo kwam de grond dus in handen van Thiery en zat mme Blanc met een boerderij met “slechts” 2000 m2 tuin. In de genoemde laatste week van de zomer 2005 zaten wij dus om 9.30 uur te ontbijten toen een klein grijs auto-tje de berg op kwam rijden. Zowaar stopte ze voor de bewuste boerderij en kwamen wij tot de conclusie dat dit dus mme Blanc in levende lijve moest zijn. Ik ben onmiddellijk buiten een beetje gaan rommelen in de hoop dat ik een praatje met haar kon aanknopen. Al snel kwamen haar twee (hasj) hondjes op me afgelopen, die ik heel spontaan aanhaalde. Het gesprek was via de honden tot stand gekomen en toen ik vertelde dat onze kinderen gek op hondjes waren en ik haar graag een kop koffie wilde aanbieden, kon ze eigenlijk geen nee meer zeggen.Alles lukte: de honden sprongen gelijk op schoot bij Paola en begonnen haar in het gezicht te likken, de kinderen gaven, heel Frans, netje een handje en kusje en ik stammelde dat mijn vrouw voor de klas stond en ik een heel “normale” baan in de gezondheidszorg had. Ze keek even verbaasd, maar gelukkig nam ze het voor waar aan en was het hasjverhaal naar het land der fabelen verwezen. Na 5 minuten beleefd gebabbel zei ze prompt: u wilt het huis zeker kopen, maar ik doe geen cent van de koopprijs af. Toen ze een prijs noemde die 1 jaar geleden nog 40.000 euro hoger had gelegen, stak ik mijn hand uit en zei “vendu”(verkocht). Ze trok wit weg en realiseerde zich dat ze het huis had verkocht aan een buitenlander. De volgende morgen hebben wij gelijk de notaris gebeld voor een voorlopige koopakte. Omdat hij de koopakte van de paardenhandelaar nog had liggen was die zelfde middag de voorlopige koopakte getekend en konden we wederom naar Mme Jacomis van de Credit Agricole voor onze 4e hypotheek. Enigszins opgelucht waren we wel toen Mme Jacomis ons vertelde dat de kredietlimiet nu bereikt was en een 5e hypotheek niet meer mogelijk was.26 december (2e kerstdag kennen de fransen niet) hebben we bij de notaris de sleutels van ons vierde huis gekregen.